Is mijn eerste hoofstuk goed?

Vraag - Tips gevraagd!

Graag commentaar of tips!

-Hoofdstuk 1

12 maart 1801

De koude wind van een Londense winter waaide door de smalle straten toen Catharina voor het eerst huilde. Haar eerste adem was klein, maar vol strijd, alsof ze al wist dat haar leven niet eenvoudig zou zijn. In de grote, donkere kamers van het oude huis voelde de kaarswarmte als een troost, maar de schaduwen leken zich in de hoeken te verschuilen, wachtend om elke onoplettendheid te grijpen. De dagen die volgden zouden haar vormen, testen en leiden naar geheimen die ze nog niet kon begrijpen. Haar moeder, bleek en gebroken van de bevalling, lag stil op het bed. De arts schudde haar hoofd; de warmte van de kaarsen kon het leven niet terug opwekken van haar ziel, die langzaam uit haar lichaam was getrokken. Haar moeder was weg, en met haar verdween een deel dat ze altijd al nodig had. Een deel dat Catharina altijd al zal missen.

7 juni 1808

‘Charlotte!’, riep Catharina uitbundig. Het was een warme, zomerse dag in de hoofdstad Londen. Charlotte was in de speelkamer zichzelf aan het vermaken met haar houten paardjes. ‘Au! Ik heb een splinter in mijn vinger!’, riep Charlotte hardop. ‘Charlotte, ik zat je overal te zoeken! 'Ik wilde je vragen of je met me buiten wilt spelen’, zei Catharina. Charlotte keek Catharina aan en twijfelde. Ze heeft misschien wel zin, maar ze had ook les van de nonnen. ‘Catharina, je weet dat we les hebben van de nonnen!’ Catharina had natuurlijk geen zin in les; bovendien had ze zin in een avontuur, niet in een saaie les. ‘Maar Charlotte.. 'Een avontuur klinkt veel leuker!’ Zei Catharina terughoudend. Charlotte grinnikte en stond op. 'Jij bent altijd zo nieuwsgierig over alles, toch is de les belangrijker.' Catharina was het er niet mee eens; daarentegen was een avontuur veel leuker. Catharina liep driftig weg en ging stiekem toch naar buiten.

Vlak bij het huis was een klein bibliotheekje, nog niet eens 5 minuten lopen. ‘Wat doet een klein, blond, adellijk meisje in mijn zaak?’ Zei had een dreigende stem van achter, Catharinas haren stonden onmiddellijk rechtop.

'Sorry meneer! Ik zat gewoon een beetje rond te kijken in de stad!' stamelde Catharina. De meneer lachte en zei: 'Ik maak ook maar een grapje, waarmee kan ik je helpen?' Catharina keek rond en wees naar een klein boekje. 'Weet u hoeveel dat boekje kost?' De meneer pakte het boekje en inspecteerde het even: 'Insecten Anatomie...? Weet je zeker dat je dit wilt kopen?' Catharina keek aandachtig naar de insecten; ze vond ze erg interessant. De meneer pakte het boekje en rekende het af. Catharina huppelde joviaal terug naar huis. Haar vader, Willem Evers, zat haar al op te wachten. Hij had van de non gehoord dat ze niet bij de les was geweest. 'Wat heb je uit zitten spoken?!' Catharina keek alsof ze een geest had gezien, Willem keek naar Catharina's hand en zag het boekje. 'Heb je alweer onzin zitten kopen?’

"Wat een idioot, die man om de hoek, meisjes horen niet van insecten te houden." Catharina keek schuldig naar de grond en haar ogen vulden zich met tranen. Willem griste het boekje weg en gooide het weg. "Naar je kamer jij, ik wil je niet meer zien!" bulderde hij.

Charlotte was al thuis; Willem had haar immers weggestuurd. "Waarom kan ik nou nooit eens iets?" "Het is oneerlijk, Cornelius mag alles!" Catharina tuurde naar buiten. "Als ik toch eens wat ouder was..." "Dan had ik mijn eigen huis en bepaalde ik zelf de regels!”

Catharina draaide zich naar het raam. Beneden zag ze een man ruw weggeduwd worden door een heer in nette jas, enkel omdat hij te dicht bij de stoep had gestaan. Zijn gezicht bleef strak, alsof hij het al gewend was. Haar woede verschoof snel, misschien was haar onrecht wel oneerlijk maar zij kon er tenminste iets over zeggen. "Waarom wordt hij anders behandeld?" "Is het omdat hij arm is, dat kan toch niet kloppen?" Catharina ging naar het dienstmeisje om te laten weten dat een man werd mishandeld op straat. Het dienstmeisje lachte en zei: "Tja, wat kunnen we eraan doen?" "Dit soort dingen gebeuren gewoon." Catharina was woedend dat ze dat normaal vond, ze snapte niet waarom hij anders werd behandeld.

'Als ik later groot ben,' dacht Catharina, 'zal ik ervoor zorgen dat dit nooit meer gebeurt!' Vanaf die dag beloofde ze zichzelf dat ze er alles aan zou doen om een eerlijke behandeling van mensen te bewerkstelligen, zelfs als het haar reputatie zou schaden.

12 maart 1817

Catharina dwaalt door het doolhof, hopend op een uitgang. Elk steegje lijkt identiek, het voelt alsof ze alleen maar rondjes loopt. Catharina keek rond en zag een klein lantaarnpaaltje dat ze nog niet eerder had gezien, vlakbij de lantaarn staat een klein huisje. Het huisje stond midden in het doolhof, omringd door prachtige bloemen. Catharina stapt dichterbij en ruikt aan de goudsbloem, waarna plotseling de deur openslaat en ze naar binnen kijkt. Catharina keek even rond en zag een grote tafel met allerlei eten, met midden op de tafel een groot varkenshoofd. Uit de schaduwen in de hoek komt een jonge vrouw vandaan: “U mag hier niet zijn! Wees gewaarschuwd.”

Plotseling schrok Catharina wakker en realiseerde zich dat het maar een nachtmerrie was. Ze zuchtte luid en stond op. 'Ik heb de laatste tijd zulk rare dromen, ik snap er niks van,' dacht ze bij zichzelf. "Catharina! Kom eens naar beneden!" riep haar vader Willem van beneden. "Ja ja, ik kom eraan..." Catharina keek naar buiten en de felle zon scheen recht in haar lichtblauwe ogen. 'Ik kan beter maar naar beneden gaan.' Catharina stommelt naar beneden en wordt gefeliciteerd door Charlotte, Cornelius en haar vader. "Gefeliciteerd Catharina! Je bent nu eindelijk 16 jaar!" zei Charlotte uitbundig. Maar Catharina was eigenlijk helemaal niet zo blij, ze heeft misschien wel geld en een goede vriendin maar ze voelde zich zo alleen. "Bedankt Charlotte, maar ik moet eerlijk zijn. Ik voel me niet zo jarig vandaag." Charlotte snapte het niet zo goed. "Waar heb jij het nou maar over gekkie?" "Kom, eet je ontbijt en laten we naar de stad gaan!”

Catharina ging naar boven en pakte een prachtige olijfgroene jurk, haar dienstmeisje deed haar haar in een prachtige vlecht met kleine paarse viooltjes erin. Charlotte kwam de kamer in en zei meteen: "Je ziet er mooi uit Catharina, een echte vrouw." Catharina glimlachte naar Charlotte en gaf haar een grote knuffel: "Charlotte, ik voel me zo alleen, maar jij maakt me altijd beter voelen, ik geef veel om je." Catharina ging terug naar beneden en zat te praten met haar broer: "Je wordt een echte vrouw Catharina, ik weet nog toen je een klein ontdeugend meisje was." Catharina's vader kwam mee praten in het gesprek en zei: "Wat dus ook betekent dat het tijd is om een man te vinden, geen vrouw is een echte vrouw zonder een man." Hij vervolgde met te zeggen: "Een echte vrouw krijgt kinderen zonder te zeuren, het is immers de taak van de vrouw om een kind te hebben.” Catharina keek op naar haar vader, haar handen tot vuisten gebald. “Ik ben het daar niet mee eens,” zei ze fel. “Wat als ik mijn eigen keuzes wil maken?” Haar vader keek haar kil aan. “Dan ben je een teleurstelling als vrouw.” Die woorden troffen haar als een klap. Woede borrelde in haar op en zonder nog iets te zeggen draaide ze zich om en stormde de trap op. “Catharina!” riep Charlotte, die haar haastig volgde. Ze legde een hand op haar arm. “Hij heeft… hij heeft misschien wel een béétje een punt-” Catharina rukte zich los. “Ga weg,” snauwde ze. Alleen op haar kamer liet ze zich op het bed vallen. Tranen prikten achter haar ogen. ‘Ik haat mijn vader', dacht ze. ‘Hoe kan hij zoiets zeggen?’

Posted Jan 27, 2026, 11:28 AM UTC

01
Loading comments…